Beloningsbeleid Raad van Bestuur

Bij het vaststellen van de beloning voor de leden van de Raad van Bestuur houdt Eneco rekening met haar bijzondere maatschappelijke positie door het hanteren van het marktprincipe en het matigingsprincipe.

Uitgangspunt

De primaire arbeidsvoorwaarden van de Raad van Bestuur worden bepaald op basis van het ‘Bezoldigingsbeleid Raad van Bestuur’ dat op 20 mei 2005 door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van Eneco Groep is vastgesteld. De secundaire arbeidsvoorwaarden worden geregeld in de ‘Algemene Regeling Arbeidsvoorwaarden Raad van Bestuur’. Het beloningsbeleid van de RVB moet Eneco in staat stellen om gekwalificeerd management voor Eneco aan te trekken en vast te houden. Dit vraagt om een concurrerende beloning die in relatie staat tot de markt voor topmanagement in het bedrijfsleven. De gewenste marktpositie voor de arbeidsvoorwaarden van de RVB-leden is het mediaanniveau in de Algemene Markt voor Bestuurders. Hierbij zijn twee beleidsprincipes leidend; het marktprincipe en het matigingsprincipe.

Markt- en matigingsprincipe

Het marktprincipe betekent dat Eneco gezien moet worden als een normaal, commercieel en marktgeoriënteerd bedrijf. Het matigingsprincipe houdt in dat de RVC een terughoudend bezoldigingsbeleid hanteert met het oog op de historie van Eneco, en omdat de aandelen van Eneco voor 100% in handen zijn van publieke aandeelhouders (gemeenten). Daarom wordt de benchmark met bedrijven van vergelijkbare omvang en complexiteit in de private sector niet volledig vertaald naar de actuele beloning van de bestuurders van Eneco.

Van jaar tot jaar deelt de AvA haar standpunt over de beloning van de RVB met de RVC, en bepaalt de RVC in hoeverre het matigingsprincipe vorm kan krijgen zonder de arbeidsmarktpositie van Eneco aan te tasten. De RVC zag in 2013 geen aanleiding de huidige toepassing van dit matigingsprincipe principieel te wijzigen.

Maatschappelijke resultaten bepalend voor de hoogte van de beloning

Ook in 2013 was de beloning van leden van de RVB afhankelijk van prestatiecriteria waaronder maatschappelijk relevante resultaten. De drie hoofdcriteria voor variabele beloning waren:

  • De financiële performance, waaronder EBIT, Credit Rating ratio's en kostenreductie;
  • Veiligheid; LTIR (Lost Time Injury Rate);
  • Implementatie van de duurzame strategie, waaronder alignment van klanten en medewerkers uitgedrukt in klanttevredenheid en medewerkers-tevredenheid en -betrokkenheid, duurzaam inkopen en duurzame investeringen

Op de corporate website, eneco.nl/corporate publiceert Eneco jaarlijks het remuneratierapport waarin details over de beloning van de Raad van Bestuur zijn opgenomen.